De groenten zaten nog in houten fusten

In het pand van Miedema AGF spreken we Ron Maijenburg (1951) die inmiddels al meer dan een halve eeuw op de Centrale Markt en het Food Center Amsterdam komt, zowel als winkelier én als grossier.

Ron Maijenburg in de fustenloods.

“We gaan wel even naar de vergaderzaal..”, Ron Maijenburg loopt voorop door de vestiging van Miedema in de noordwest hoek van het Food Center. “Een kantoor heb ik niet meer; ik ben sinds kort met pensioen, maar ik vond het toch leuk hier af te spreken.” We nemen plaats aan de grote vergadertafel naast wat collega’s die hier vanwege de hitte ook hun toevlucht hebben genomen. Het is buiten meer dan 30 graden en binnen niet veel koeler. “Dat is het nadeel van deze oude gebouwen”, zegt Ron, “de hitte zit er goed in, maar ach, het zijn de laatste maanden voor ons voor ze het Food Center gaan transformeren. Alles gaat plat. Wij gaan binnenkort naar een tijdelijke vestiging en daarna krijgen we een nieuw pand.”

Als de koffie op tafel staat begint Ron zijn verhaal. Hij kwam hier als vijftienjarige al met zijn eerste baas, de Firma Fontijn. Hij heeft ondertussen meer dan 50 jaar voetstappen op de markt staan en kent het terrein vooral als klant: “Veertig jaar lang was ik de eigenaar van eerst één en uiteindelijk drie buurtwinkels in Amsterdam. Ik haalde elke morgen mijn verse waren van de Centrale Markt. Dat betekende om zes uur in de rij staan op de Jan van Galenstraat met mijn auto, wachten tot de marktmeester op zijn fluit blies. Dan was het eerst fusten lossen, dan snel je afval dumpen bij de pier en dan snel door naar je grossiers om je inkopen te doen. Ik had zo mijn vaste leveranciers. Als je klaar was met je bestellingen, brachten die grossiers het spul naar je auto met steekjes (steekwagens).

“Ach jôh, het is allemaal zo veranderd. In de jaren 70 zaten alle groenten nog in houten fusten. Fusten zijn van die kistjes. Er waren landelijke fusten en er waren streekfusten, elke veiling had zijn eigen fust. Daar betaalde je statiegeld over als je je spullen kocht en je bracht ze ’s ochtends weer leeg terug. Nu is er een overdekte fustenloods (zie foto) en hebben we gestandaardiseerde plastic fusten waar we 8 euro statiegeld op zetten, maar destijds was alles van hout en stapelden we ze in de buitenlucht in de regen, of met ijs er op in de winter. De fusten werden later op de dag opgehaald door de producenten, de boeren, die ze dan op hun bedrijf weer vulden met aardappelen, groenten en fruit dat ze de volgende dag vol weer naar de markt brachten in schepen. In Sloten – toen nog platteland - werden veel bladgroenten gekweekt in die tijd. En zo ging het dag in, dag uit.”

 

Tekst: Jobbe Wijnen
Foto: Ron Maijenburg in de fustenloods 2019

OP DE HOOGTE BLIJVEN

Op de hoogte blijven van de ontwikkelingen bij de Centrale Markthal en de andere projecten van BOEi? Meld je hier aan en blijf op de hoogte! Lees ook de privacyverklaring.

MELD JE AAN

Recente verhalen

09-12-2019

De horeca op de centrale markt is een sociale factor van belang. Er waren al vanaf de jaren 30...

03-12-2019

We spreken met marktmeesters Aloys Wiegerink en John Reijns over…wilde dieren op de markt? Inderdaad...

02-12-2019

Ronald Poelstra vertelt ons graag over wat hij meemaakte in de Centrale Markthal, een levendige plek...